Waarom aikido geen wedstrijden heeft

De vraag waarom aikido geen competitie kent, heeft mij jarenlang gepuzzeld. Vanuit de geschiedenis blijkt dat we oorlog voeren vanwege het stelen van grond of eigendommen, óf het veroveren en domineren van anderen. Is er eigenlijk altijd al oorlog geweest onder mensen? Uit het boek The Fall van Steve Taylor blijkt dat er voor 4000BC er geen enkel bewijs is van oorlogen. Bij opgravingen of muurtekeningen is er nooit iets van wapens of georganiseerd geweld gevonden. Pas nadat de jager-verzamelaars zich gingen vestigen, werden bezittingen opgespaard. Daar ontstonden de eerste verschillen in rijkdom en status. Daarmee ontstond het eerste territoriale gevoel: de wens om rijkdom te vergaren en daarmee de reden voor oorlog. Voor die tijd was sprake van een atmosfeer van lichte vreugde en een gevoel voor de heiligheid en schoonheid van leven en van de aarde volgens James DeMeo in zijn prachtige boek Saharasia. Waarom moeten we eigenlijk steeds conflicten maken en anderen onderdrukken? Simon Baron-Cohen zegt in zijn boek The Essential Difference dat agressie, zelfs in normale proporties, alleen kan bestaan vanwege de verminderde compassie of empathie. Er is volgens hem ook een duidelijke verbinding tussen misdaad en het onvermogen van empathie.

De jagers-verzamelaars waren niet territoriaal. Het land en alle bronnen daarop of daarin was niet specifiek van iemand, maar van iedereen. Anderen die ze ontmoeten op dat land, werden niet-agressief ontvangen. Daardoor waren er ook geen gevechten om land te winnen of te verdedigen in die periode. Eigendom naast dat wij zij zelf nodig hadden voor onmiddellijk gebruik, waren zij moreel verplicht om te delen. Een tweede bijl of shirt, bleef niet meer dan een paar uur in het bezit van diegene. Dat was de wijze van leven in die tijd. Volgens antropoloog Robert Lawlor leefde men bij primitieve culturen in een “open samenleving waarin mensen actief alles deelden met elkaar.” Bij de Afrikanen werd het bezit van goederen gezien als een misdaad in oude tijden. Bij de !Kung was eigendom ongewenst vanwege het gevaar van jaloezie of conflicten. De !Kung bouwde mede altijd vriendelijke banden met hun buren stammen door ze spullen te geven zodat, mocht ooit hun eigen voorraad eten opraken, zij ook met hun voedsel wilden delen. Burch en Ellanna schrijven: “zowel sociale als ruimtelijke grenzen onder de jager-verzamelaars waren extreem flexibel.” Was er dan vroeger geen enkele vorm van competitie?

Divale schrijft over ‘toernooi-gevechten’ in zijn boek War Primitive Society: een vorm van geritualiseerde agressie. Jean Liedloff vertelt over de Yequana uit het Amazone gebied in Zuid-Amerika dat er geen competitieve spellen waren. Er was worstelen, maar geen kampioenschap, alleen een serie van spellen. Het constante oefenen van boogschieten is bedoeld om excellentie te bereiken. Europese kolonisten probeerden weliswaar competitie te introduceren bij de primitieve volkeren. In Nieuw Guinea moesten jongens voetbal spelen op de missionaire scholen, maar in plaats te winnen door zoveel mogelijk doelpunten te maken als mogelijk, speelden ze altijd door totdat ze weer gelijk stonden. Ook de Aboriginals vonden het idee om leden van hun eigen gemeenschap te verslaan onbegrijpelijk. Ze konden zichzelf er niet toe brengen om deze soort agressie en confrontatie in zichzelf op te roepen die nodig is voor dit soort spelletjes. Bij de !Kung in Afrika wisselde men zelfs pijlen in de kokers voor de jacht. Als er een dier geraakt werd dan ging het krediet niet naar de persoon die de pijl schoot, maar naar de persoon van wie de pijl was om te voorkomen dat die persoon te arrogant werd. Deze ego-loosheid is waarschijnlijk ook de reden waarom primitieve mensen een beter gevoel van empathie hebben.

Empathie wordt gezien als een vaardigheid om anderen hun gevoelens te lezen, of je verbeelding gebruiken om in andermans schoenen te staan. Het ontbreken van competitie, de afwezigheid van agressie, bevordert dus compassie in de krijgskunst aikido. Het is niet voor niets één van de zeven aikido deugden. De kwaliteit van het dienen van andere mensen en de wereld, in plaats van ego doelen na te streven. Trainen om ook anderen te helpen om hun potentie te realiseren. Compassie brengt ons verder dan onze eigen gedachten en wensen, creëert zo een band met anderen. Uitbuiting en competitie worden dan vervangen door respect en samenwerken. Een van de mooiste teksten vond ik toch wel bij D.H. Lawrence. Hij beschrijft in Mornings in Mexico bij het zien van atletische races bij Indianen dat hun motivatie enorm verschilt van het Europese ‘racen om te winnen’. “De Indianen racen niet om te winnen of voor een prijs. Ze racen niet om hun krachten te laten zien, of hoe goed ze zijn. Het racen heeft voor hun een spirituele dimensie. Het is een poging om te verbinden met de kosmos, en daar nieuwe vitaliteit uit te verzamelen. Om zo meer en meer creatief vuur in hun ziel te verzamelen die helpt de stam door het jaar heen te dragen.” Mooier kan ik het niet beschrijven waarvoor we trainen in aikido.

Bovenstaand artikel is geïnspireerd op het indrukwekkende boek The Fall van Steve Taylor.

2017-12-23T08:16:54+00:00 23 december, 2017|Nieuws, Uncategorized|